Beschrijving
Certificaat # 1334 voor 5 preferente aandelen van nominaal $ 0,10, voorblad met aanhangende dividendbewijzen, uitgegeven in 1971.
Bekijk de afbeeldingen voor nadere informatie en conditie (wysiwyg).
Het faillissement van de Capital Growth Company
In 1962 ging Clovis W. McAlpin zich bezighouden met vermogensbeheer via het bedrijf Bahamas New Providence Securities. Met steun van Chase Manhattan Trust Corporation begon hij de First Bahamas Investment Trust. Een beleggingstrust die alleen mocht investeren in door de Amerikaanse Securities and Exchange Commission (SEC) goedgekeurde Amerikaanse fondsen en staatsobligaties.
In 1963 nam Arawak Trust Company het trusteeschap over en in 1965 werd de naam gewijzigd in Capital Growth Fund.
In 1967 werd de trustakte aangepast, waardoor investeringen in Amerikaanse beleggingsfondsen stopten en alleen nog werd geïnvesteerd in eigen open-end beleggingsfondsen. Dit pakte nadelig uit voor beleggers, omdat grootschalige aandelentransacties tussen de eigen fondsen leidden tot hogere transactie- en bemiddelingskosten, waarvan een aanzienlijk deel naar McAlpin ging.
Drie jaar later, in 1970, richtte McAlpin in Panama het Capital Growth Real Estate Fund op en het bedrijf Capital Growth Management. Dit laatste is een dochteronderneming van New Providence Securities en de beheerder van het vastgoedfonds. Het vastgoedfonds kreeg een startkapitaal van tien miljoen dollar, verstrekt door het Capital Growth Fund in ruil voor aandelen. Kort na de oprichting van het vastgoedfonds werden een reeks dubieuze financiële transacties uitgevoerd waar McAlpin van profiteerde
In 1970 laat de Arawak Trust Company aan McAlpin weten niet langer als trustee te willen optreden en verzoekt hem een nieuwe trustee aan te stellen. Toen McAlpin hier niet op inging, stapte de Arawak Trust Company naar het Hooggerechtshof van de Bahama’s om een nieuwe trustee te laten benoemen.
McAlpin besloot daarop zijn bedrijf naar Costa Rica te verplaatsen. In 1971 richtte hij daar het Capital Growth Fund op, waarin het oude Capital Growth Fund uit de Bahama’s en het Capital Growth Real Estate Fund uit Panama werden samengevoegd. Het fonds werd omgezet van een open-end fonds naar een closed-end fonds om te voorkomen dat aandeelhouders hun aandelen konden terugverkopen. Tegelijkertijd werd de naam gewijzigd in Capital Growth Company.
In Panama richtte McAlpin vervolgens New Providence Securities op als vermogensbeheerder voor het Capital Growth Fund. Door ingewikkelde transacties verkreeg New Providence Securities alle gewone aandelen van de Capital Growth Company. De aandelen van de beleggers werden omgezet in preferente aandelen zonder stemrecht, waardoor zij geen invloed hadden op het bedrijf. Volgens het certificaat bestond het kapitaal uit duizend gewone aandelen en tien miljoen preferente aandelen.
In 1972 leidde fraude en oplichting van aandeelhouders tot juridische acties in Amerika en andere landen, wat het einde betekende voor de Capital Growth Company. De aandeelhouders verloren al hun investeringen.





